|
Zweefvliegen leer je in de praktijk,
door lesvluchten met een instructeur in een tweezitter met dubbele besturing,
jij vooraan, hij achteraan. Stap voor stap leer je het zweefvliegtuig besturen,
situaties beoordelen en zelf beslissingen nemen.
Je leert bochten maken, de snelheid onder controle houden,
de sleepstart vliegen etc.
Tenslotte leer je het zweefvliegtuig zachtjes terug aan de grond zetten.
Eens je in staat bent het vliegtuig in je eentje veilig te vliegen en te landen,
komt een moment dat je je hele leven zal bijblijven: je eerste solovlucht!
Bij de vlieglessen worden verschillende vliegoefeningen in min of meer
vaste volgorde doorlopen.
Elke oefening wordt eerst door de instructeur uitgelegd en dan gedemonstreerd.
Vervolgens kan de leerling oefenen, waarbij de instructeur
beoordelingen en aanwijzingen voor correcties geeft.
Op elk ogenblik heeft slechts één piloot de controle: de
instructeur of de leerling.
De instructeur beslist en zegt wie vliegt: "ik vlieg" of "jij vliegt".
Na de vlucht volgt een "debriefing" waarbij de oefeningen nog
eens kort overlopen en eventueel verder uitgelegd worden.
Je vorderingen op de verschillende oefeningen worden door de instructeur
genoteerd op je opleidingskaart.
Daarnaast kan hij aanmerkingen schrijven in je persoonlijke notaboekje.
Dit helpt andere instructeurs om te weten welke oefeningen nog herhaling
vereisen, want je vliegt niet altijd met dezelfde instructeur.
Vooraf de theoriecursus gevolgd hebben is niet nodig.
Je instructeur zal regelmatig voor of na een lesvlucht
enkele elementaire zaken over de theorie uitleggen.
Het is trouwens nuttig eerst wat vliegervaring op te doen
om de theoriecursus beter te begrijpen.
Het vliegbedrijf laten draaien vergt enige arbeid op de grond, de hele dag door.
Dit betekent dat alle clubleden geregeld de handen uit de mouwen steken:
gelande zweefvliegtuigen uit de landingsbaan duwen, de sleepkabel aanhaken,
met de vleugeltip meelopen bij de start etc.
Vanaf je eerste vliegdag leer je deze handelingen uitvoeren.
Zweefvliegopleiding maakt deel uit van de normale activiteiten van DAC.
Tijdens het weekend is er steeds minstens één instructeur
een hele dag beschikbaar. Op een normale vliegdag kan je in Schaffen
2 tot 3 lesvluchten maken.
Daarnaast is er de Paasstage in Issoudun, die
in de eerste plaats op vliegopleiding gericht is.
Twee weken lang kan je er elke dag vliegen (tenzij het regent).
Hierdoor kan je snel vorderingen maken met de vlieglessen.
Met wat geluk, maar vooral inzet, vlieg je op het einde van de tweede week
zelfs al solo!
|