|
Zweefvliegen houdt bepaalde risico's in en mensen maken fouten.
Bijgevolg gebeuren er heel af en toe ongevallen,
en spijtig genoeg soms met fatale afloop.
Nochtans is zweefvliegen op zich wel veilig.
Dit veronderstelt wel dat de zweefvliegpiloot heel bewust met veiligheid bezig is.
Diest Aero Club heeft tot hiertoe gelukkig nog geen zwaar
zweefvliegongeval gekend.
Maar dat betekent niet dat de club op haar lauweren rust,
wel in tegendeel.
Veiligheid vormt aandachtspunt nummer één
in de zweefvliegopleiding en staat centraal in al onze vliegactiviteiten.
Zo wordt er elke vliegdag tijdens de briefing een
actueel veiligheidspunt besproken.
Verder is er het Open Boek, waarin ieder clublid incidenten allerhande
kan noteren. Dit vormt een middel om terugkerende problemen op te sporen en aan
te pakken.
Zweefvliegtuigen worden gebouwd volgens strenge eisen
en worden tot het uiterste getest voor ze hun luchtwaardigheisbewijs krijgen.
Ieder zweefvliegtuig wordt jaarlijks aan een technische inspectie
onderworpen.
Elke vliegdag wordt voor de eerste vlucht het toestel gecontroleerd op
eventuele gebreken.
Ongevallen door mankementen aan het zweefvliegtuig zijn dan ook
uiterst zeldzaam.
Veiligheid hangt voor een groot deel af van de mentale ingesteldheid
van de piloot.
Goed vliegerschap houdt meer in dan het vliegtuig nauwkeurig kunnen besturen.
Het betekent eveneens vliegen met gezond verstand,
vooruitdenken en anticiperen, rekening houden met anderen.
Ook kiezen om niet te vliegen als je eens niet helemaal fit bent of
om eerst een checkvlucht te doen als je al een tijdje niet meer gevlogen hebt.
Ongevallen zijn bijna altijd te wijten aan een opeenvolging van verschillende
fouten, waarop niet passend gereageerd werd.
Het tijdig onderkennen van fouten voor ze zich aaneenschakelen
tot een gevaarlijke ketting is dus van levensbelang.
Bij het nemen van beslissingen speelt een goede "situational awareness",
d.i. het bewustzijn van de hele vliegsituatie, een grote rol.
Dit vergt een voortdurend updaten van het "mentaal model" van de situatie van
het eigen vliegtuig, de positie en beweging
van andere vliegtuigen, het weer, de omgeving.
|