|
Het onderstaande artikel werd in 1994 door Gaston geschreven
en verscheen in de Jericho van de maand april van dat jaar.
Gaston beschreef op gedetailleerde wijze hoe het zweefvliegen,
in het bijzonder het overlandvliegen, in zijn werk zou gaan in het
toen nog magische jaar 2000.
Nu, 10 jaar later, blijkt hoe treffend correct zijn toekomstvisie was.
|
BACK TO THE FUTURE...
|
Gaston Peeters
|
De weersvoorspellingen voor volgend weekend zijn bijzonder gunstig voor het zweefvliegen.
Een koud front is net gepasseerd en ten westen van Engeland komen drukstijgingen voor.
De evolutie voor de volgende dagen Iaat vermoeden dat er eerst nog een zwaar bewolkte dag zal
volgen met `overladen' Cu en nog een geïsoleerde CB.
De wind zal progressief draaien naar het noorden, een beetje in kracht afnemen,
terwijl de buienactiviteit volledig zal stilvallen.
De thermiekkaarten van de volgende dagen laten het beste vermoeden.
De oranje en gele zones op de kaarten tonen duidelijk aan dat de beste vliegrichting N-NO zal zijn.
De Meteo-Wing van de Luchtmacht voorspelt 2,5 tot 3 m/s stijgen, een basis die bij Tmax zal klimmen
tot 2000 m MSL. De Tk van 12°C bewijst dat het erg onstabiele lucht is zonder al te grote nachtelijke
inversie, maar de toenemende subsidentie zal voor optimale onderdrukking van alle Cu-congestus
zorgen terwìjl de vochtigheid in de hoogte niet te groot is om uitspreiding te voorkomen.
De nebulositeit zal 3-4/8 Cu bedragen met een progressief afnemende wind in de hoogte onder
invloed van het Hoge Drukgebied.
Het is vandaag donderdag 25 juni anno 2000. Nog één dag werken.
Dit geeft me de gelegenheid om alles grondig voor te bereiden.
Kaarten van het noordoosten? Batterijen opgeladen?
Van de fototoestellen worden de batterijen vervangen omdat ze al in gebruik zijn sedert de maand mei.
De GPS en electronische barograaf worden opgeladen. Ik vraag aan Alida om citroensap mee te brengen,
de drinkbussen worden nog eens uitgespoeld.
Plaszakjes zijn in voorraad en een recorderdisk voor de CD is overgeschreven naar de
centrale database van de Liga. Het downloaden heeft wel een tijdje geduurd omdat er veel gevlogen
werd vorig weekend en de modem van de Liga overbelast is.
Het nieuwe systeem van automatische puntentelling voor de Charronbeker begint nu echt operationeel
te worden.
Gedaan met de rompslomp van formulieren, barograms, foto's ontwikkelen, enz.
Het is trouwens het laatste jaar dat foto's verplicht zijn omdat de GPS-positie officieel zal
aanvaard worden als bewijsmateriaal voor afstandberekening.
Gedaan met de rompslomp van formulieren, barograms, foto's ontwikkelen, enz.
Het is trouwens het laatste jaar dat foto's verplicht zijn omdat de GPS-positie officieel
zal aanvaard worden als bewijsmateriaal voor afstandberekening.
Als morgenavond de weersvoorspelling bevestigd wordt, dan hebben we nog de ganse avond om kaarten
te rangschikken en de coördinaten van eventuele keerpunten te controleren.
Vrijdag 26.6.2000. De voorspeIIingen worden bevestigd met volgende kleine maar belangrijke wijziging.
Het Hoge Drukgebied is uitgebreid in noordelijke richting zodat de wind meer noord-oost is dan initieel
verwacht.
Dit zal drogere lucht aanvoeren met meer kans op blauwe thermiek.
De Cu-bewolking zal - gezien de zwakke wind - mede bepaald worden
door de vochtigheid en de begroeiing van het te overvliegen gebied.
Wordt het een opgegeven afstandvlucht of een vrije afstand?
Sedert de wijziging in het puntensysteeem van de Charronbeker wordt kennis van de meteo en
beoordelingsvermogen van de piloot veel meer gewaardeerd dan voordien.
Nu moet je een keuze maken tussen een opgegeven proef of een vrije afstand met keerpunten gekozen in
vlucht.
Vermits het puntenverschil tussen opgegeven en niet-opgegeven proef nog 20% bedraagt,
maar omdat de verwachte weersomstandigheden een vooraf opgegeven proef in een pokerspel
zou veranderen (Cu of blauw?), kies ik voor de vrije afstand.
Het wordt dus een rustige avond want de navigatie moet ik niet voorbereiden.
Ook de nacht verloopt rustig maar is van korte duur.
Om halfvijf maken de vogels mij wakker, terug inslapen is er niet meer bij en de vlucht wordt al mentaal
gevlogen.
Heel stilletjes wordt de TV aangezet om met de ingebouwde modem alle meteokaarten en de TPlog diagrammen
nogmaals te bekijken.
De weersvoorspellingen zijn betrouwbaarder geworden dankzij de thermogrammen:
hierop kun je in detail inzoomen om de temperatuur op verschillende hoogten en plaatsen met elkaar te vergelijken.
Dit wordt zonder twijfel een zeer goede zweefdag, rekening houdend met de kans op blauwe thermiek
in sommige streken. Na een stevig ontbijt met spek en eieren gaat het richting Schaffen.
Om halfnegen worden de toestellen boordevol gevuld met water.
Mijn oude ASW-17 ziet er met zijn nieuwe gelcoatlaag schitterend uit.
Bij de piloten neemt de druk op de ketel toe: door de lage kritische temperatuur mogen we
de eerste Cu's rond halfelf verwachten. Tony draait de PAW warm.
De nieuwe motor heeft nog maar 40 uur gedraaid en moet rustig ingevlogen worden.
Dankzij de nieuwe 4-blad-schroef is de lawaaihinder teruggebracht tot maximum 65 dBa.
Het kiezen van de starttijd is nog belangrijker geworden nu de CTA EAST 1 en 2 sedert het begin
van het jaar uitgebreid werden tot aan Tessenderlo.
Vermits een vrije afstand opgegeven werd, moet ik alleen uitkijken naar de eerste indicatie van thermiek.
Die komt eraan am kwart voor elf.. een eerste kleine Cu boven Leopoldsburg bevestigt de voorspellingen.
We starten.
Op 300 m hoogte gaat de Pawnee sneller vliegen en laat tegelijk de sleepkabel vieren tot
ik ongeveer 500 m achter de sleper hang.
De sleepstart gaat nu over in een lierstart en in zowat 20 seconden klimt de ASW-17 van 500 tot 850 m,
voldoende hoog om de groeiende Cumuli te kunnen bereiken.
De aramide-sleepkabel wordt met hoge snelheid ingelierd zodat de Pawnee snel terug op de grond staat:
sleeptijd tot 850 m (zweven) in slechts 5 minuten!.
De eerste pomp wordt bereikt op 400 m boven Leopoldsburg. De GPS duidt een wind aan van 20° / 11 km/h.
Met een gemiddeld stijgen van 1,5 m/s gaat het tot 1200 m.
Gezien de hoogtebeperking moet ik de klim onderbreken hoewel de basis nog
een honderdtal meter hoger ligt.
Nu moet er beslist worden. Vermits het om een Niet-Opgegeven Afstand gaat,
genieten we van de grote luxe om de meest gunstige gebieden te benutten en ook om de almaar
toenemende verkeersgebieden te ontwijken. Het is nu het tweede jaar dat alle Charronproeven
moeten voorgelegd worden aan de Regie der Luchtwegen die heel nauwkeurig de GPS-recordings
van de CD-recorder controIeren.
De hemel vult zich met 2/8 Cu!
Had ik dan niet beter gekozen voor een Opgegeven Afstand om toch 20% meer punten te halen?
Hans heeft een 600 km FAl opgegeven en is op weg naar Terlet.
Hij zal ongeveer 660 km moeten vliegen om uit de verkeersgebieden te blijven.
Progressief gaat het beter en sneller en eens buiten de Belgische FIR kan ik klimmen tot onder de basis:
1400 m. De bedoeling is de zandgrond van Dinslaken te bereiken om vervolgens
ten noorden van Düsseldarf naar het zuid-oosten te vliegen.
De temperatuur stijgt en geleidelijk neemt de bewolking op sommige plaatsen af.
De weersvoorspelling klopt dus en dat geeft, gezien de vluchtkeuze, een zekere voldoening.
Langs Wesel gaat het naar Borken. In het Noorden is de bewolking verminderd tot kleine `barbullekens',
terwijl richting Oost nog altijd 2/8 CU aanwezig is.
Daarom verleggen we de koers in oostelijke richting.
Op de radio hoor ik Hans zuchten: de thermiek is nog goed maar de Cu's zijn verdwenen.
In oostelijke richting, ten zuiden van Münster is het prachtig: 3/8 Cu en 2,5 à 3 m/s gemiddeld!
De basis is gestegen tot 2000 m.
In Schaffen volgen de thuisblijvers gespannen het verloop van elke vlucht op een scherm.
De GPS geeft immers via ACARS (Aircraft Communication And Reporting System) de juiste positie
en hoogte door aan een grondstation.
De dépanneurs vliegen dus als 't ware mee: op het scherm zien ze de vorderingen van hun piloot
evenals het gesukkel...
Zonder enig probleem en met een gemiddelde snelheid van 95 km/h bereiken we het verkeersgebied
van Bielefeld. In Duitsland mag je door TMA's vliegen op voorwaarde dat de GPS-ACARS
in werking is.
De Cu-bewolking is nu werkelijk afhankelijk geworden van het reliëf en van de ondergrond.
De ganse heuvelrug van het Teutonenburgerwald is bezaaid met bloemkolen met basis op 2300 m
terwijl in het zuidwesten en het noorden de bewolking heel dun wordt.
Daarom wordt Lübbeck (40 km ten oosten van Ossnabrück) als eerste keerpunt genomen.
Het is een digitale foto die onmiddellijk op de CD wordt opgeslagen en tevens een merkteken zet
op de elektronische barograaf. De CD-recorder beept driemaal ter confirmatie dat de recording van
het digitaal beeld perfect is. In de nieuwe LX 8000 zijn al die componenten ingebouwd.
De prijs is navenant en niet mals...
Nu gaat het met lichte rugwind richting Oerlinghausen, Paderborn en Kassel.
1OO km wordt afgelegd in 40 minuten! Ondertussen is het al 15 h geworden.
Hoe ver kunnen we nog doorgaan? Kassel is nog 30 km verwijderd en de Cu-bewolking vermindert.
Daarom wordt de Signal Square van Griffe (een zweefvliegveld) op de digitale plaat vastgelegd.
De GPS vertelt me dat ik me op 240 km van Schaffen bevind maar dan moet ik pal boven Düsseldorf vliegen
en de CTR ervan is ondoordringbaar.
In het noordwesten zien de Cu's er zo aantrekkelijk uit dat ik de thuisvlucht naar het noorden verleg:
terug ovef Paderborn, Oerlinghausen en Bielefeld. De `Hang' (een heuvelrug, 50 km lang en 200-300 m hoog)
is afgebakend door een wolkenstraat op 2300 m.
Zonder één enkele bocht bereik ik het vliegveld Bohmte (20 km ten oosten van Ossnabrück).
Klik: digitate foto.
In Schaffen haalt men opgelucht adem met toch een ietwat zorgelijke blik:
in vogelvlucht zit de ASW-17 nu op 271 km.
Met nog iets meer dan twee uur thermiek en een beetje rugwind... is dat nog te halen???
We zijn weer aan boord van de ASW-17. Stukken blauw worden rustig
doorgevlogen met de Mcready op 1,5 i.p.v. 2 m/sec.
In de buurt van Wesel krijg ik opnieuw radiocontact met Jericho.
De GPS duidt aan dat ik nog 130 km verwijderd ben van 51 00 30 latitude en 005 04 00
longitude (= Schaffen).
Met een basis van de laatste Cu op 2300 m en een rugwind van 10 km/h ligt DT in het bereik.
Er volgt een rustige lange finale, het wiel wordt buitengelaten na 7h30 vlucht met in totaal 841 km
op de recorder.
Hans heeft zijn FAI-driehoek moeten afbreken in blauwe thermiek ten zuiden van Aken.
Het nieuwe puntensysteem van de Charronbeker laat het zweefvliegen herleven
omdat het de volledige vrije keuze stimuleert.
Zou het bij toekomstdromen blijven?
Gaston.
Epiloog
In bovenstaand verhaal beschreef Gaston in 1994 al hoe het zweefvliegen,
en meer bepaald het overlandvliegen, in juni 2000 zou verlopen.
Een aantal technologische details daargelaten, was het een opmerkelijk correcte toekomstvisie
op de situatie van de dag van vandaag.
Mede dankzij de sterke opmars van de GPS loggers is de filosofie van de vrije afstandsvlucht
op dit moment volop aan het doorbreken in onze club en deels ook in de Charron.
Het is uiteindelijk wel iets later geworden dan 2000.
Maar ja, Gaston is ook altijd iedereen een stapje (cumulusje) voor....
Zowel in Duitsland als in Frankrijk werd er in 2001 voor het eerst een `online' competitie georganiseerd,
waarbij de piloten de file van hun GPS logger via het internet binnensturen.
Op de website van de Aerokurier Online Contest
(www.onlinecontest.org)
wordt er een dagelijkse score bijgehouden.
De vrijheid om niet meer halsstarig te moeten vasthouden aan een opgegeven proef
is een grote stimulans gebleken voor het afstandsvliegen.
Ook Gaston is vorig jaar reeds volop begonnen met vrije afstandsvluchten
(binnen de Franse competitie dan wel) en naar eigen zeggen met heel veel voldoening.
Zie maar het verhaal van Gastons 850 km vlucht in Issoudun.
Er zijn nog wel enkele zaken in Gastons verhaal die allicht nog voor een iets verdere toekomst zijn,
zoals het ACARS systeem, de sleep/lier-start, de 4-blad schroef voor onze Pawnee.
Het enige wat Gaston niet had voorzien, maar wat ook niemand echt had kunnen voorzien denk ik,
was de doorbraak van het internet.
Hoewel, een `TV met een modem' is in feite een moderne manier voor internet toegang,
die over enkele jaren misschien gemeen goed zal zijn.
Het is dus niet bij toekomstdromen gebleven.
Er waait momenteel een frisse wind door de zweefvliegwereld die hopelijk het afstandsvliegen
nieuwe stimulansen zal geven.
Zweefvliegers hebben in de voorbije decennia steeds van de nieuwste technologieën
nuttig gebruik weten te maken en dat zal ook in de toekomst het geval
blijven.
Kurt Sermeus.
|